Voor dit vak moet je van mensen houden
Arjen van Vaardegem, docent en kapper Arjen van Vaardegem
Toen Arjen van Vaardegem als kapper begon, was dé trend de coupe soleil. In de salon mocht hij aan de kaptafel staan, waar hij veel haaknaalden door mutsjes stak. Nog steeds kan hij het razendsnel, zo vertelt hij, al heeft hij er niet zoveel meer aan, want tegenwoordig wordt in zijn salon alleen nog folie gebruikt.
"Ja, er is veel veranderd", beaamt Van Vaardegem. Hij begon zijn carrière als kapper via het leerlingstelsel en kan zich nog herinneren dat hij haar verfde met blote handen. "Rond de feestdagen waren je handen dan een beetje schraal", blikt hij nu lachend terug. "De eerste keer dat ik mocht knippen, kan ik me nog goed herinneren. Dat doe je in een soort trance. Je bent voor het eerst écht in de salon, en je krijgt er nog betaald voor ook!"
Omgang is allesbepalend
Inmiddels heeft hij zijn eigen salon, The Hairstudio in Oosterland,
en de nodige ervaring opgedaan als docent, onder andere bij de NKA.
Het verschil met het onderwijs vandaag de dag zit 'm vooral in de
examinering. "De vakeisen waren toen veel zwaarder", vertelt de
kapper uit Zeeland. "Tegenwoordig wordt de omgang met klanten veel
meer benadrukt." Die omgang met klanten is essentieel, aldus Van
Vaardegem. "Voor dit vak moet je van mensen houden. Mét mensen
willen werken. Je hebt leerlingen die het vak heel goed beheersen,
maar van wie de skills om met mensen om te gaan ontbreken. En die
omgang, die is allesbepalend." Toch vindt Van Vaardegem het jammer
dat hierdoor de verdieping voor het kappersvak minder wordt. "Ik
kan me herinneren dat ik wel eens zakte om een technisch
ingewikkeld kapsel. Nu zijn de kapsels wat makkelijker en
commerciëler."
Energie
Hij wil daarmee niet zeggen dat het kappersvak een licht beroep is.
"Het wordt erg onderschat", weet Van Vaardegem. "Je staat de hele
dag op je benen en tegelijk moet je open blijven staan voor alle
mensen die je salon binnen komen. Van de meesten krijg je energie
terug hoor, maar sommigen trekken het alleen uit je." In de klas
legde de docent ooit de stelling voor 'Wat is belangrijker: de
omgang met de klant of talent voor het vak?'. "Een kleine
meerderheid koos voor de omgang met de klant", kan Van Vaardegem
zich herinneren. "Met talent kom je een heel eind, maar
uiteindelijk moet je klant zich toch bij jou kunnen
ontspannen."








